DANIEL NORGREN – WOOH DANG

Al meer dan twaalf jaar en zeven knappe albums verder timmert de Zweedse singer-songwriter Daniel Norgren aan de muzikale weg vooraleer hij eindelijk de erkenning krijgt die hij verdient. Voor de echte muziekliefhebber is hij met succesvolle passages in Abclub, de N9 en Dranouter al lang geen goed bewaard geheim meer. Door de internationale release van zijn nieuwe album “Wooh Dang” zal hij zeker wereldwijd bekendheid verwerven bij een groter publiek en dit is hem van harte gegund. Het concert in De Roma in Antwerpen op 21/05 is alvast lang uitverkocht en “Wooh Dang” zal daar als zoete broodjes over de toonbank gaan, want Norgren heeft met zijn nieuwe plaat weer een pareltje afgeleverd vol pakkende nummers in zijn gekende soulvolle, bluesy stijl. De productie nam hij zelf in handen, samen met zijn wapenbroeder van het eerste uur Pelle Nyhage, de man achter Superpuma Records, die al van bij de start in hem geloofde.

Wie Daniel Norgren al eens live aan het werk zag zal enkel kunnen beamen dat de Zweed een man is van weinig woorden, maar des te meer belang hecht aan de connectie tussen hem en zijn vrienden-bandleden Andreas Filipson (gitaar en banjo), Anders Grahn (bas) en Erik Berntsson (drums). Deze chemie moet juist zitten en dan ontstaat er spontaan een intieme, hechte band met het publiek. Dit maakt van elk concert een magische gebeurtenis en daarom probeert Norgren dezelfde betoverende energie te creëren tijdens de opnames van een album. Het is een kwestie van de juiste sfeer op het juiste moment om jezelf te overstijgen en de vonk te doen overslaan.

Niet voor niets trok Daniel Norgren zich terug in een stoffige kamer van een afgelegen 19de -eeuws textielbedrijf in de wouden in Zuid-Zweden. Het leek net alsof het een spookhuis was, met krakende houten vloeren en sinistere portretten aan de muur, met meubels en huisgerei dat er gedurende tachtig jaar onaangeroerd bijlag. Bovendien sierde er toevallig een oude Duitse buffetpiano het interieur, die hij in al de songs gebruikte. Om het geheel nog organischer te laten klinken, werden alle songs live en analoog opgenomen op een oude zestien track, alsof het om field recordings ging. Dat deze opstelling het creatieve proces nog meer diepgang geeft, mag wel duidelijk zijn. Wanneer je “Wooh Dang” door de luidsprekers hoort klinken, word je dadelijk bedwelmd door de natuurlijke echo en de ongepolijste klank van de instrumenten. Hier en daar hoor je zelfs een vloerplank kraken of voegt Norgren er fluitende vogels aan toe zoals bij de opener, die de plaat als het ware doet ontwaken met een hoofdzakelijk instrumentaal sfeerstukje “Blue Sky Moon”, dat met klaagzang en roestige gitaarnoten het pad effent naar het eerste pareltje, “The Flow”, een mijmerende, aangrijpende pianoballade, opgevuld met treffend geplaatste treurgitaar, melodica en een breekbare zangpartij waar Neil Young trots op zou zijn. De melancholische opener zet je echter op het verkeerde been, want de dansbare funky en bluesy opvolger “Dandelion Time” swingt met een rammelende rootssound van down South, op pompende double bas en diepe bariton sax noten, die samen met een zwierig rockende piano, elektrische gitaar en een vurig achtergrondkoortje ons terug katapulteren naar een rokerige bluesclub en de sfeer van Norgren’s tien jaar oude “Outskirt” album. Blues zit Norgren in de genen en hij weet niet enkel deze songs intens en doorleefd te brengen, hij beheerst ook moeiteloos verschillende stijlen. Zo groeit het rustig op gitaar en bijna parlando startende “Rolling, Rolling, Rolling” uit tot een vurige southern soul ballade met krachtige backing vocals, bijgetreden door een twinkelende Fender Rhodes. Ook de power van de elektrische soulblues, een genre waar Dan Auerbach zich in thuis voelt, is Norgren meester, getuige de wijze boodschap in “Let Love Run The Game”, dat uitgroeit tot een waar elektrisch gitaarfestijn. Daniel Norgren is op dit album goed gebeten door de love bug, zoveel is zeker. In de ontroerend gezongen en enkel op pomporgeltje en subtiele piano begeleide ballade “So Glad” loopt hij over van geluk en drijft hij op verliefde wolkjes, net als in het verheerlijkende “The Day That’s Just Begun”, waar hij woorden tekort komt om zijn geliefde de hemel in te prijzen. Een amoureuze neurie en een vertederende mondharmonica zorgen ervoor dat de vlinders in je buik helemaal op hol slaan. En dan moet de amoureuze climax nog komen in “When I Hold You In My Arms”, met zijn heupwiegende Calypso sound, die je doet dromen van een innige omhelzing met je geliefde op de parelwitte Caraïbische zandstranden, dromend turend naar een bloedrode zonsondergang onder de wuivende palmbomen.

Daniel Norgren laat ons met “Wooh Dang” in de ziel kijken van iemand waarvoor liefde de sleutel is voor geluk en tegelijk voor hem ook de sleutel tot sucses. Dit album gaat diep ondanks zijn ruwe bolster en kan met Norgren’s aangrijpende stem en uitgelezen instrumentatie van een knappe band niemand onberoerd kan laten. “Wooh Dang” schiet met scherp en mikt recht op het hart, net als Amor, zodat het moeilijk zal worden om niet meteen verliefd te worden op deze prachtplaat.

Yvo Zels

 

20/5 Amsterdam - Paradiso
21/5 Antwerp - De Roma sold out
1/8 Brugge - Moods!
30/8 Vlieland - Into The Great Wide Open sold out
31/8-2/9 - Maastricht - Bruis

 

 

 

Artiest info
   
 

label: Superpuma Records
distr.: V2

video